Noodhuisvesting arbeidsmigranten bij bedrijven zelf

Noodhuisvesting arbeidsmigranten bij bedrijven zelf

Omdat het tekort aan bedden voor arbeidsmigranten in Westland inmiddels heel hoog is opgelopen, heeft het Westlandse college van burgemeester en wethouders dinsdag besloten dat tuinders onder voorwaarden tijdelijke huisvesting mogen realiseren op glastuinbouwgrond. Daarmee gaat Westland in op het verzoek van Glastuinbouw Westland en ondernemersorganisatie VNO-NCW voor noodhuisvesting op korte termijn. In totaal zijn er in de komende jaren zeker tweeduizend bedden nodig voor de in Westland werkende arbeidsmigranten. Omdat de realisatie van diverse wooncomplexen nog wel een tijdje op zich laat wachten, heeft het college besloten om zich daarnaast te richten op zeer tijdelijke huisvesting, van maximaal twee tot drie jaar. Hierbij wordt onder meer gedacht aan het plaatsen van zogeheten portocabins. Afgesproken is dat Glastuinbouw Westland met een lijst van mogelijke locaties komt. Die moeten zich bevinden op glastuinbouwgebied, want gemeentelijke grond komt niet in aanmerking. Bovendien moet de relatie tussen huurder en
verhuurder zodanig worden vormgegeven dat er geen afhankelijkheidsrelatie kan ontstaan. Ook moet er dag en nacht toezicht en beheer zijn en moet een en ander verkeerstechnisch kunnen.

Vanaf 2008 huldigen wij al het standpunt dat huisvesten van arbeidsmigranten bij bedrijven mogelijk moet zijn. Uiteraard met goed toezicht. Het College komt met nieuw voorstel tegemoet aan deze wens. Weliswaar in een short-stay oplossing van maximaal 3 jaar, maar wij zullen blijven ijveren voor het verwijderen van het vermaledijde amendement van 2012 waarin huisvesting bij de bedrijven zelf onmogelijk werd gemaakt.

Fractie LPF Westland